فَلَمَّا دَخَلُوا عَلَیْهِ قَالُوا یَٓا اَیُّهَا الْعَزٖیزُ مَسَّنَا وَاَهْلَنَا الضُّرُّ وَجِئْنَا بِبِضَاعَةٍ مُزْجٰیةٍ فَاَوْفِ لَنَا الْكَیْلَ وَتَصَدَّقْ عَلَیْنَاؕ اِنَّ اللّٰهَ یَجْزِی الْمُتَصَدِّقٖینَ
Falamma dakhaloo AAalayhi qaloo ya ayyuha alAAazeezu massana waahlana alddurru wajina bibidaAAatin muzjatin faawfi lana alkayla watasaddaq AAalayna inna Allaha yajzee almutasaddiqeena
Vertalingen
Toen zij bij hem (Yôesoef) binnenkwamen, zeiden zij: "O al 'Azîz, wij en onze familie zijn getroffen door ellende, en wij komen goederen brengen die niet waardevol zijn, dus geef ons daarom de volle maat en schenk ons (een gift). Voorwaar, Allah beloont de schenkers
Sofian S. Siregar
Toen zij dan bij hem binnenkwamen zeiden zij: "O excellentie, ons en onze familie heeft tegenspoed getroffen en wij komen met onbeduidende koopwaar, maar geef ons toch een vol rantsoen en geef het ons als aalmoes. God beloont hen die aalmoezen geven
Fred Leemhuis