وَالنَّازِعَاتِ غَرْقًاۙ
Bij de hard uitrukkenden
Siregar
النَّازِعَاتِ
De Uitrukkenden · Mekkaans · 46 verzen · Juz 30, Pagina 583
وَالنَّازِعَاتِ غَرْقًاۙ
Bij de hard uitrukkenden
Siregar
وَالنَّاشِطَاتِ نَشْطًاۙ
Bij de zacht uittrekkenden
Siregar
وَالسَّابِحَاتِ سَبْحًاۙ
Bij de snel uitvoerenden
Siregar
فَالسَّابِقَاتِ سَبْقًاۙ
De snel voorbijstrevenden
Siregar
فَالْمُدَبِّرَاتِ اَمْرًاۘ
De uitvoerenden van een bevel
Siregar
یَوْمَ تَرْجُفُ الرَّاجِفَةُۙ
Op de Dag waarop de bevende doet beven
Siregar
تَتْبَعُهَا الرَّادِفَةُؕ
Zal deze gevolgd worden door de (tweede) beving
Siregar
قُلُوبٌ یَوْمَئِذٍ وَاجِفَةٌۙ
De harten zullen op die Dag bonzen
Siregar
اَبْصَارُهَا خَاشِعَةٌۘ
Hun ogen zullen angstig teneergeslagen zijn
Siregar
یَقُولُونَ ءَاِنَّا لَمَرْدُودُونَ فِی الْحَافِرَةِؕ
Zij zeggen: "Zullen wij zeker worden teruggebracht in de vorige staat
Siregar
ءَاِذَا كُنَّا عِظَامًا نَخِرَةًؕ
Als wij vergruisde beenderen zijn geworden
Siregar
قَالُوا تِلْكَ اِذًا كَرَّةٌ خَاسِرَةٌۘ
Zij zeggen: "Dat is dan een verliesgevende terugkeer
Siregar
فَاِنَّمَا هِیَ زَجْرَةٌ وَاحِدَةٌۙ
En voorwaar, het zal slechts één enkele stoot zijn
Siregar
فَاِذَا هُمْ بِالسَّاهِرَةِؕ
En dan staan zij op het aardoppervlak
Siregar