حٰمٓؕ
Ha Mîm
Siregar
فُصِّلَتْ
Gedetailleerde Verzen · Mekkaans · 54 verzen · Juz 24, Pagina 477
حٰمٓؕ
Ha Mîm
Siregar
تَنْزٖیلٌ مِنَ الرَّحْمٰنِ الرَّحٖیمِۚ
(Dit is) een neerzending van de Erbarmer, de Meest Barmhartige
Siregar
كِتَابٌ فُصِّلَتْ اٰیَاتُهُ قُرْاٰنًا عَرَبِیًّا لِقَوْمٍ یَعْلَمُونَۙ
Een Boek waarvan de Verzen duidelijk uitgelegd zijn, als een Arabische Koran, voor een volk dat weet
Siregar
بَشٖیرًا وَنَذٖیرًاۚ فَاَعْرَضَ اَكْثَرُهُمْ فَهُمْ لَا یَسْمَعُونَ
Als een verkondiger van verheugende tijdingen en een waarschuwer, maar de meesten van hen hebben zich er van afgewend, zij luisteren niet
Siregar
وَقَالُوا قُلُوبُنَا فٖٓی اَكِنَّةٍ مِمَّا تَدْعُونَٓا اِلَیْهِ وَفٖٓی اٰذَانِنَا وَقْرٌ وَمِنْ بَیْنِنَا وَبَیْنِكَ حِجَابٌ فَاعْمَلْ اِنَّنَا عَامِلُونَ
En zij zeiden: "Onze harten zijn verhuld voor dat waar jij (O Moehammad) ons toe oproept, en in onze oren is doofheid en tussen en ons en jou is een afscheiding. Werk dan (op jouw manier), voorwaar, wij werken (op onze manier)
Siregar
قُلْ اِنَّمَٓا اَنَا𐻾 بَشَرٌ مِثْلُكُمْ یُوحٰٓى اِلَیَّ اَنَّمَٓا اِلٰهُكُمْ اِلٰهٌ وَاحِدٌ فَاسْتَقٖیمُٓوا اِلَیْهِ وَاسْتَغْفِرُوهُؕ وَوَیْلٌ لِلْمُشْرِكٖینَۙ
Zeg: "Ik ben slechts een mens zoals jullie, aan mij is geopenbaard dat jullie God één God is, richt jullie daarom standvastig tot Hem, en smeekt Hem om vergeving, en wee de veelgodenaanbidders
Siregar
اَلَّذٖینَ لَا یُؤْتُونَ الزَّكٰوةَ وَهُمْ بِالْاٰخِرَةِ هُمْ كَافِرُونَ
(Zij zijn) degenen die de zakât niet geven en die niet in het Hiernamaals geloven
Siregar
اِنَّ الَّذٖینَ اٰمَنُوا وَعَمِلُوا الصَّالِحَاتِ لَهُمْ اَجْرٌ غَیْرُ مَمْنُونٍࣖ
Voorwaar, degenen die geloven en die goede werken verrichten, voor hen is er een beloning zonder onderbreking
Siregar
قُلْ اَئِنَّكُمْ لَتَكْفُرُونَ بِالَّذٖی خَلَقَ الْاَرْضَ فٖی یَوْمَیْنِ وَتَجْعَلُونَ لَهُٓ اَنْدَادًاؕ ذٰلِكَ رَبُّ الْعَالَمٖینَۚ
Zeg (O Moehammad): "Jullie geloven zeker niet in Hem, Die de aarde in twee dagen (perioden) heeft geschapen? En kennen jullie Hem deelgenoten toe? Dat is de Heer der Werelden
Siregar
وَجَعَلَ فٖیهَا رَوَاسِیَ مِنْ فَوْقِهَا وَبَارَكَ فٖیهَا وَقَدَّرَ فٖیهَٓا اَقْوَاتَهَا فٖٓی اَرْبَعَةِ اَیَّامٍؕ سَوَٓاءً لِلسَّٓائِلٖینَ
En Hij maakte bergen op haar en Hij zegende haar en Hij bepaalde de maat (van alle voorzieningen) in vier volledige dagen (perioden), voor de vragenden
Siregar
ثُمَّ اسْتَوٰٓى اِلَى السَّمَٓاءِ وَهِیَ دُخَانٌ فَقَالَ لَهَا وَلِلْاَرْضِ ائْتِیَا طَوْعًا اَوْ كَرْهًاؕ قَالَتَٓا اَتَیْنَا طَٓائِعٖینَ
Daama wendde Hij Zich tot de hemel die een nevel was en Hij zei tot haar en tot de aarde: "Komt tot Ons, gewillig of ongewillig." Zij (de hemelen en de aarde) zeiden: "Wij zijn gewillig gekomen
Siregar