الْاَنْبِيَاءِ

21. Al-Anbya

De Profeten · Mekkaans · 112 verzen · Juz 17, Pagina 322

اِقْتَرَبَ لِلنَّاسِ حِسَابُهُمْ وَهُمْ فٖی غَفْلَةٍ مُعْرِضُونَۚ

Dichter bij voor de mensen is hun afrekening gekomen, terwijl zij zich in onachtzaamheid afwenden

Siregar

مَا یَاْتٖیهِمْ مِنْ ذِكْرٍ مِنْ رَبِّهِمْ مُحْدَثٍ اِلَّا اسْتَمَعُوهُ وَهُمْ یَلْعَبُونَۙ

En er komt geen nieuwe Vermaning van hun Heer tot hen, of zij luisteren ernaar terwijl zij er de spot mee drijven

Siregar

لَاهِیَةً قُلُوبُهُمْؕ وَاَسَرُّوا النَّجْوٰىࣗ اَلَّذٖینَ ظَلَمُواࣗ هَلْ هٰذَٓا اِلَّا بَشَرٌ مِثْلُكُمْۚ اَفَتَاْتُونَ السِّحْرَ وَاَنْتُمْ تُبْصِرُونَ

Achteloos zijn hun harken. En degenen die onrechtvaardig zijn verbergen (hun onrecht) in heimelijk overleg (en zeggen:) "Deze (Boodschapper) is niet anders dan een mens zoals jullie." Nemen jullie dan tovenarij aan, terwijl jullie het doorzien

Siregar

قَالَ رَبّٖی یَعْلَمُ الْقَوْلَ فِی السَّمَٓاءِ وَالْاَرْضِؗ وَهُوَ السَّمٖیعُ الْعَلٖیمُ

Hij (Moehammad) zei: "Mijn Heer weet wat er in de hemelen en op de aarde gesproken wordt, en Hij is de Alhorende, de Alwetende

Siregar

بَلْ قَالُٓوا اَضْغَاثُ اَحْلَامٍ بَلِ افْتَرٰیهُ بَلْ هُوَ شَاعِرٌۚ فَلْیَاْتِنَا بِاٰیَةٍ كَمَٓا اُرْسِلَ الْاَوَّلُونَ

Zij (de ongelovigen) zeggen zelfs: "Het verwardste gedroom is (deze Koran), hij verzon hem zelfs, hij is zelfs een dichter! Laat hem dan een Teken tot ons brengen zoals aan de voorafgaanden gezonden werd

Siregar

مَٓا اٰمَنَتْ قَبْلَهُمْ مِنْ قَرْیَةٍ اَهْلَكْنَاهَاۚ اَفَهُمْ یُؤْمِنُونَ

Zij geloofden niet, degenen vóór hen uit de steden die Wü vernietigden: zullen zij dan geloven

Siregar

وَمَٓا اَرْسَلْنَا قَبْلَكَ اِلَّا رِجَالًا نُوحٖٓی اِلَیْهِمْ فَسْـَٔلُٓوا اَهْلَ الذِّكْرِ اِنْ كُنْتُمْ لَا تَعْلَمُونَ

En Wij hebben (niemnd) vóór jou gezonden of zij waren slechts mannen aan wie Wij openbaarden. Vraagt dan de bezitters van kennis, indien jullie het Riet weten

Siregar

وَمَا جَعَلْنَاهُمْ جَسَدًا لَا یَاْكُلُونَ الطَّعَامَ وَمَا كَانُوا خَالِدٖینَ

En Wij schiepen hen niet met lichamen die geen voedsel aten en zij leefden niet eeuwig

Siregar

ثُمَّ صَدَقْنَاهُمُ الْوَعْدَ فَاَنْجَیْنَاهُمْ وَمَنْ نَشَٓاءُ وَاَهْلَكْنَا الْمُسْرِفٖینَ

Dawop vervulden Wij voor ben de belofte en Wij redden ben en wie Wij wensten. En Wij vemietigden de buitensporigen

Siregar

لَقَدْ اَنْزَلْنَٓا اِلَیْكُمْ كِتَابًا فٖیهِ ذِكْرُكُمْؕ اَفَلَا تَعْقِلُونَࣖ

Voorzeker, Wij hebben aan jullie een Boek doen neerdalen met daarin jullie eer. Begrijpom jullie het niet

Siregar

Over soera Al-Anbya

Nummer in de Koran
21
Naam in het Arabisch
الْاَنْبِيَاءِ
Betekenis
De Profeten
Geopenbaard in
Mekka
Volgorde van openbaring
73
Aantal verzen
112
Juz
17
Pagina’s in de Mushaf
322-331
0:00
0:00