الرُّومِ

30. Ar-Rum

De Romeinen · Mekkaans · 60 verzen · Juz 21, Pagina 404

الٓمٓࣞ

Alif Lâm Mîm

Siregar

غُلِبَتِ الرُّومُۙ

Ik Romeinen zijn overwonnen

Siregar

فٖٓی اَدْنَى الْاَرْضِ وَهُمْ مِنْ بَعْدِ غَلَبِهِمْ سَیَغْلِبُونَۙ

In het nabijgelegen land, en na hun nederlaag zullen zij overwinnen

Siregar

فٖی بِضْعِ سِنٖینَؕ لِلّٰهِ الْاَمْرُ مِنْ قَبْلُ وَمِنْ بَعْدُؕ وَیَوْمَئِذٍ یَفْرَحُ الْمُؤْمِنُونَۙ

In enkelen jaren. Aan Allah behoort het bevel, voordien en nadien. En op die dag zullen de gelovigen zich verheugen

Siregar

بِنَصْرِ اللّٰهِؕ یَنْصُرُ مَنْ یَشَٓاءُؕ وَهُوَ الْعَزٖیزُ الرَّحٖیمُ

Dank zij de hulp van Allah. Hij helpt wie Hij wil. En Hij is de Almachtige, de Meest Bamhartige

Siregar

Over soera Ar-Rum

Nummer in de Koran
30
Naam in het Arabisch
الرُّومِ
Betekenis
De Romeinen
Geopenbaard in
Mekka
Volgorde van openbaring
84
Aantal verzen
60
Juz
21
Pagina’s in de Mushaf
404-410
0:00
0:00