Mushafim

12. Yusuf

يُوسُفَ

فَلَمَّا جَهَّزَهُمْ بِجَهَازِهِمْ جَعَلَ السِّقَایَةَ فٖی رَحْلِ اَخٖیهِ ثُمَّ اَذَّنَ مُؤَذِّنٌ اَیَّتُهَا الْعٖیرُ اِنَّكُمْ لَسَارِقُونَ

Toen hij ben van proviand voorzien had, stopte Yôesoef zijn drinkbeker in de proviandzak van zijn broeder. Toen riep een oproeper: "O jullie van de karavaan! Voorwaar, jullie zijn zeker dieven

Siregar

قَالُوا وَاَقْبَلُوا عَلَیْهِمْ مَاذَا تَفْقِدُونَ

Zij zeiden, terwijl zij op hen toekwamen: "Wat missen jullie

Siregar

قَالُوا نَفْقِدُ صُوَاعَ الْمَلِكِ وَلِمَنْ جَٓاءَ بِهٖ حِمْلُ بَعٖیرٍ وَاَنَا𐻾 بِهٖ زَعٖیمٌ

Zij zeiden: "Wij missen de drinkbeker van de koning, en wie hem terugbrengt zal een kameellading graan doen toekomnen, dat garandeer ik

Siregar

قَالُوا تَاللّٰهِ لَقَدْ عَلِمْتُمْ مَا جِئْنَا لِنُفْسِدَ فِی الْاَرْضِ وَمَا كُنَّا سَارِقٖینَ

Zij (de broeders van Yôesoef) zeiden: "Wij zweren bij Allah dat jullie zeker weten dat wij niet gekomen zijn om in het land verderf te zaaien en wij zijn ook geen dieven

Siregar

قَالُوا فَمَا جَزَٓاؤُ𐻾هُٓ اِنْ كُنْتُمْ كَاذِبٖینَ

Zij zeiden: "Wat zal de vergelding zijn als jullie leugenaars zijn

Siregar

قَالُوا جَزَٓاؤُ𐻾هُ مَنْ وُجِدَ فٖی رَحْلِهٖ فَهُوَ جَزَٓاؤُ𐻾هُؕ كَذٰلِكَ نَجْزِی الظَّالِمٖینَ

Zij zeiden: "De bestraffing van degene bij wie de drinkbeker in zijn proviandzak gevonden wordt is dat hij zelf (als een slaaf) vastgehouden zal worden. Zo bestraffen wij de onrechtplegers

Siregar

فَبَدَاَ بِاَوْعِیَتِهِمْ قَبْلَ وِعَٓاءِ اَخٖیهِ ثُمَّ اسْتَخْرَجَهَا مِنْ وِعَٓاءِ اَخٖیهِؕ كَذٰلِكَ كِدْنَا لِیُوسُفَؕ مَا كَانَ لِیَاْخُذَ اَخَاهُ فٖی دٖینِ الْمَلِكِ اِلَّٓا اَنْ یَشَٓاءَ اللّٰهُؕ نَرْفَعُ دَرَجَاتٍ مَنْ نَشَٓاءُؕ وَفَوْقَ كُلِّ ذٖی عِلْمٍ عَلٖیمٌ

Toen begon hij (Yôesoef) hun proviondzakken te onderzoeken, vóór de proviandzak van zijn broeder, vervolgens haalde hij haar (de drinkbeker) uit de proviandzak van zijn broeder (Benyamin). Zo maakten Wij het plan voor Yôesoef. Het pastte hem niet om zijn broeder te bestraffen volgens de wet van de koning, behalve als Allah dat wilde. Wij verhogen de rang van wie Wij willen. En boven iedere bezitter van kennis, is er iemand met nog meer kennis

Siregar

قَالُٓوا اِنْ یَسْرِقْ فَقَدْ سَرَقَ اَخٌ لَهُ مِنْ قَبْلُۚ فَاَسَرَّهَا یُوسُفُ فٖی نَفْسِهٖ وَلَمْ یُبْدِهَا لَهُمْ قَالَ اَنْتُمْ شَرٌّ مَكَانًاۚ وَاللّٰهُ اَعْلَمُ بِمَا تَصِفُونَ

Zij zeiden: "Als hij steelt, voorzeker een broeder van hem heeft eerder gestolen." Yôesoef had dit geheim gehouden en niet aan hen verteld. Hij zei: "Jullie hebben een slechtere plaats hij Allah en Allah weet beter wat jullie beschrijven

Siregar

قَالُوا یَٓا اَیُّهَا الْعَزٖیزُ اِنَّ لَهُٓ اَبًا شَیْخًا كَبٖیرًا فَخُذْ اَحَدَنَا مَكَانَهُۚ اِنَّا نَرٰیكَ مِنَ الْمُحْسِنٖینَ

Zij zeiden, "O al 'Azîz, voorwaar, hij heeft een oude vader, en neem daarom een van ons in plaats van hem. Voorwaar, wij zien dat jij tot de weldoeners behoort

Siregar

0:00
0:00