النَّحْلِ

Soera An-Nahl, vers 27

De Bijen · Mekkaans · 128 verzen

16:27

ثُمَّ یَوْمَ الْقِیٰمَةِ یُخْزٖیهِمْ وَیَقُولُ اَیْنَ شُرَكَٓاءِیَ الَّذٖینَ كُنْتُمْ تُشَٓاقُّونَ فٖیهِمْؕ قَالَ الَّذٖینَ اُو𐻿تُوا الْعِلْمَ اِنَّ الْخِزْیَ الْیَوْمَ وَالسُّٓوءَ عَلَى الْكَافِرٖینَۙ

Thumma yawma alqiyamati yukhzeehim wayaqoolu ayna shurakaiya allatheena kuntum tushaqqoona feehim qala allatheena ootoo alAAilma inna alkhizya alyawma waalssooa AAala alkafireena

Vertalingen

Vervolgens zal Hij hen op de Dag der Opstanding vernederen, en zeggen: "Waar zijn Mijn (zogenaamde)deelgenoten waarover jullie (met de gelovigen) plachten te redetwisten?" Degenen die kennis gegeven is, zullen zeggen: "Voorwaar, op deze Dag is er vernedering en kwaad voor de ongelovigen

Sofian S. Siregar

En dan, op de opstandingsdag zal Hij hen te schande maken en zeggen: "Waar zijn Mijn [zogenaamd goddelijke] metgezellen om wie jullie zo tegengewerkt hebben?" Zij aan wie de kennis gegeven is zeggen: "De schande en het kwaad komen vandaag over de ongelovigen

Fred Leemhuis