الْبَقَرَةِ

Soera Al-Baqarah, vers 250

De Koe · Medinaans · 286 verzen

2:250

وَلَمَّا بَرَزُوا لِجَالُوتَ وَجُنُودِهٖ قَالُوا رَبَّنَٓا اَفْرِغْ عَلَیْنَا صَبْرًا وَثَبِّتْ اَقْدَامَنَا وَانْصُرْنَا عَلَى الْقَوْمِ الْكَافِرٖینَؕ

Walamma barazoo lijaloota wajunoodihi qaloo rabbana afrigh AAalayna sabran wathabbit aqdamana waonsurna AAala alqawmi alkafireena

Vertalingen

En toen wij optrokken tegen Djâlôet en zijn legers, zeiden zij: "Onze Heer, schenk ons geduld en maak onze voeten standvastig en sta ons bij tegen het ongelovige volk

Sofian S. Siregar

En toen zij optrokken tegen Djaloet en zijn troepen zeiden zij: "Onze Heer, verleen ons volharding, maak onze voeten stevig en help ons tegen de ongelovige mensen

Fred Leemhuis