الْحَجِّ

Soera Al-Hajj, vers 12

De Bedevaart · Mekkaans · 78 verzen

22:12

یَدْعُوا مِنْ دُونِ اللّٰهِ مَا لَا یَضُرُّهُ وَمَا لَا یَنْفَعُهُؕ ذٰلِكَ هُوَ الضَّلَالُ الْبَعٖیدُ

YadAAoo min dooni Allahi ma la yadurruhu wama la yanfaAAuhu thalika huwa alddalalu albaAAeedu

Vertalingen

Hij roept naast Allah aan wat voor hem geen schade tegenhoudt en hem ook van geen nut is: dat is een verpande dwaling

Sofian S. Siregar

Hij roept in plaats van God iets aan wat hem niet schaadt en niet nut. Dat is de vergaande dwaling

Fred Leemhuis