27:91
اِنَّمَٓا اُمِرْتُ اَنْ اَعْبُدَ رَبَّ هٰذِهِ الْبَلْدَةِ الَّذٖی حَرَّمَهَا وَلَهُ كُلُّ شَیْءٍؗ وَاُمِرْتُ اَنْ اَكُونَ مِنَ الْمُسْلِمٖینَۙ
Innama omirtu an aAAbuda rabba hathihi albaldati allathee harramaha walahu kullu shayin waomirtu an akoona mina almuslimeena
Vertalingen
(Zeg, O Moehammad:) "Voorwaar, het is mij bevolen om de Heer van deze stad (Mekkah) te aanbidden, die Hij wijdde. En aan Hem behoren alle zaken, en het is mij bevolen om tot de Moslims te behoren
Sofian S. Siregar
Maar mij is bevolen de Heer van deze plaats te dienen die haar heilig verklaard heeft en aan wie alles behoort. En mij is bevolen tot hen die zich [aan God] overgeven te behoren
Fred Leemhuis