الْقَصَصِ

Soera Al-Qasas, vers 30

Het Verhaal · Mekkaans · 88 verzen

28:30

فَلَمَّٓا اَتٰیهَا نُودِیَ مِنْ شَاطِئِ الْوَادِ الْاَیْمَنِ فِی الْبُقْعَةِ الْمُبَارَكَةِ مِنَ الشَّجَرَةِ اَنْ یَا مُوسٰٓى اِنّٖٓی اَنَا اللّٰهُ رَبُّ الْعَالَمٖینَۙ

Falamma ataha noodiya min shatii alwadi alaymani fee albuqAAati almubarakati mina alshshajarati an ya moosa innee ana Allahu rabbu alAAalameena

Vertalingen

Maar toen hij daar ankwam, werd hij geroepen vanaf de rechterzijde van de vallei, op de gezegende plaats, van bij een boom: "O Môesa, voorwaar, Ik ben Allah, Heer der Werelden

Sofian S. Siregar

Toen hij daar kwam werd hem van de rechterkant van de vallei op het door God gezegende veld vanuit de boom toegeroepen: "O Moesa, Ik ben het, God, de Heer van de wereldbewoners

Fred Leemhuis