الرُّومِ

Soera Ar-Rum, vers 51

De Romeinen · Mekkaans · 60 verzen

30:51

وَلَئِنْ اَرْسَلْنَا رٖیحًا فَرَاَوْهُ مُصْفَرًّا لَظَلُّوا مِنْ بَعْدِهٖ یَكْفُرُونَ

Walain arsalna reehan faraawhu musfarran lathalloo min baAAdihi yakfuroona

Vertalingen

Maar als Wij een wind zonden, waarna zij (hun gewassen) geel zien worden, dan blijven zij zeker daarna ongelovig

Sofian S. Siregar

En als Wij een wind uitzenden en zij hem dan geel zien worden blijven zij daarna toch ongelovig

Fred Leemhuis