السَّجْدَةِ

Soera As-Sajdah, vers 20

De Neerknieling · Mekkaans · 30 verzen

32:20

وَاَمَّا الَّذٖینَ فَسَقُوا فَمَاْوٰیهُمُ النَّارُؕ كُلَّمَٓا اَرَادُٓوا اَنْ یَخْرُجُوا مِنْهَٓا اُعٖیدُوا فٖیهَا وَقٖیلَ لَهُمْ ذُوقُوا عَذَابَ النَّارِ الَّذٖی كُنْتُمْ بِهٖ تُكَذِّبُونَ

Waamma allatheena fasaqoo famawahumu alnnaru kullama aradoo an yakhrujoo minha oAAeedoo feeha waqeela lahum thooqoo AAathaba alnnari allathee kuntum bihi tukaththiboona

Vertalingen

En wat betreft degenen die zware zonden begingen: hun verblijfplaats is de Hel. Iedere keer dat zij eruit willen komen, worden zij erin terruggedreven, en wordt er tot hen gezegd: "Proeft de bestraffing van de Hel die jullie plachten te loochenen

Sofian S. Siregar

Maar wat hen betreft die verdorven zijn, hun verblijfplaats is het vuur. Telkens als zij eruit wensen te gaan, worden zij erin teruggebracht en wordt tot hen gezegd: "Proeft de bestraffing van het vuur dat jullie loochenden

Fred Leemhuis