4:62
فَكَیْفَ اِذَٓا اَصَابَتْهُمْ مُصٖیبَةٌ بِمَا قَدَّمَتْ اَیْدٖیهِمْ ثُمَّ جَٓاؤُ𐻿كَ یَحْلِفُونَ بِاللّٰهِ اِنْ اَرَدْنَٓا اِلَّٓا اِحْسَانًا وَتَوْفٖیقًا
Fakayfa itha asabathum museebatun bima qaddamat aydeehim thumma jaooka yahlifoona biAllahi in aradna illa ihsanan watawfeeqan
Vertalingen
En hoe is het dan wanneer een ramp hen trof door wat hun handen gedaan hebben? Dan komen zij naar jou toe, zij zweren bij Allah: "Wij wilden slechts goed doen en een goede verzoening
Sofian S. Siregar
En hoe is het dan als hen onheil treft voor wat hun handen tevoren gedaan hebben en als zij dan tot jou komen, terwijl zij bij God zweren: "Wij wensten alleen maar goed te doen en gunstig te stemmen
Fred Leemhuis