الْمُؤْمِنِ

Soera Ghafir, vers 8

Hij die Vergeeft · Mekkaans · 85 verzen

40:8

رَبَّنَا وَاَدْخِلْهُمْ جَنَّاتِ عَدْنٍࣙ الَّتٖی وَعَدْتَهُمْ وَمَنْ صَلَحَ مِنْ اٰبَٓائِهِمْ وَاَزْوَاجِهِمْ وَذُرِّیَّاتِهِمْؕ اِنَّكَ اَنْتَ الْعَزٖیزُ الْحَكٖیمُۚ

Rabbana waadkhilhum jannati AAadnin allatee waAAadtahum waman salaha min abaihim waazwajihim wathurriyyatihim innaka anta alAAazeezu alhakeemu

Vertalingen

Onze Heer, doe hen en wie rechtschapen waren van hun vaderen en hun echtgenotes en hun nakomelingen de Tuinen van 'Adn (het Paradijs) binentreden, die U ben beloofd hebt: voorwaar, U bent de Almachtige, de Alwijze

Sofian S. Siregar

Onze Heer, en laat hen de tuinen van 'Adn binnengaan die U hun hebt toegezegd en ook hen van hun vaderen en echtgenotes en nageslacht die rechtschapen zijn. U bent de machtige, de wijze

Fred Leemhuis