Mushafim

4. An-Nisa

النِّسَاءِ

وَالَّذٖینَ یُنْفِقُونَ اَمْوَالَهُمْ رِئَٓاءَ النَّاسِ وَلَا یُؤْمِنُونَ بِاللّٰهِ وَلَا بِالْیَوْمِ الْاٰخِرِؕ وَمَنْ یَكُنِ الشَّیْطَانُ لَهُ قَرٖینًا فَسَٓاءَ قَرٖینًا

En (ook voor) degenen die van bun bezittingen uitgeven om de mensen het te laten zien en die niet in Allah en de Laatste Dag geloven en degenen die de Satan tot vriend nemen, het is een slechte vriend

Siregar

وَمَاذَا عَلَیْهِمْ لَوْ اٰمَنُوا بِاللّٰهِ وَالْیَوْمِ الْاٰخِرِ وَاَنْفَقُوا مِمَّا رَزَقَهُمُ اللّٰهُؕ وَكَانَ اللّٰهُ بِهِمْ عَلٖیمًا

En wat zou het hen schaden indien zij in Allah en de Laatste Dag zouden geloven, en zij uitgeven van hetgeen waar Allah hen mee voorzien heeft. En Allah kent hen

Siregar

اِنَّ اللّٰهَ لَا یَظْلِمُ مِثْقَالَ ذَرَّةٍۚ وَاِنْ تَكُ حَسَنَةً یُضَاعِفْهَا وَیُؤْتِ مِنْ لَدُنْهُ اَجْرًا عَظٖیمًا

Voorwaar, Allah behandelt niemand in de geringste mate onrechtvaardig, an als er iets goeds gedaan wordt, vermeerdert Hij het en geeft Hij van Zijn Zijde een geweldige beloning

Siregar

فَكَیْفَ اِذَا جِئْنَا مِنْ كُلِّ اُمَّةٍ بِشَهٖیدٍ وَجِئْنَا بِكَ عَلٰى هٰٓؤُ𐻾لَٓاءِ شَهٖیدًاؕ

En hoe dan, indien Wij uit iedere gemeenschap een getuige (een Profeet) naar voren brengen en Wij jou (O Moehammad) als getuige tegen diegenen (van jouw gemeenschap die zondigen) naar voren brengen

Siregar

یَوْمَئِذٍ یَوَدُّ الَّذٖینَ كَفَرُوا وَعَصَوُا الرَّسُولَ لَوْ تُسَوّٰى بِهِمُ الْاَرْضُؕ وَلَا یَكْتُمُونَ اللّٰهَ حَدٖیثًاࣖ

Op die Dag wensen degenen die ongelovig zijn on de Boodschapper ongehoorzaam zijn, dat zij met aarde gelijk gemaakt waren, maar zij zullen geen feit voor Allah kunnen verbergen

Siregar

یَٓا اَیُّهَا الَّذٖینَ اٰمَنُوا لَا تَقْرَبُوا الصَّلٰوةَ وَاَنْتُمْ سُكَارٰى حَتّٰى تَعْلَمُوا مَا تَقُولُونَ وَلَا جُنُبًا اِلَّا عَابِرٖی سَبٖیلٍ حَتّٰى تَغْتَسِلُواؕ وَاِنْ كُنْتُمْ مَرْضٰٓى اَوْ عَلٰى سَفَرٍ اَوْ جَٓاءَ اَحَدٌ مِنْكُمْ مِنَ الْغَٓائِطِ اَوْ لٰمَسْتُمُ النِّسَٓاءَ فَلَمْ تَجِدُوا مَٓاءً فَتَیَمَّمُوا صَعٖیدًا طَیِّبًا فَامْسَحُوا بِوُجُوهِكُمْ وَاَیْدٖیكُمْؕ اِنَّ اللّٰهَ كَانَ عَفُوًّا غَفُورًا

O jullie die geloven, nadert niet de shalât terwijl jullie dronken zijn, totdat jullie weten wat jullie zeggen; en (ook) niet onrein (Djoenoeb), behalve degenen die er onderweg doorheen komen, totdat jullie je (ritueel) gereinigd hebben. En in het geval dat jullie nek zijn, of op reis, of jullie van het toilet komen, of jullie de vrouwen aanraken en jullie geen water vinden: doet dan de Tayammoem met schone aarde en wrijft ennee langs jullie gezichten en handen. Voorwaar, Allah is Vergevend, Vergeverisgezind

Siregar

اَلَمْ تَرَ اِلَى الَّذٖینَ اُو𐻿تُوا نَصٖیبًا مِنَ الْكِتَابِ یَشْتَرُونَ الضَّلَالَةَ وَیُرٖیدُونَ اَنْ تَضِلُّوا السَّبٖیلَؕ

Hebt jij degenen niet gezien aan wie een gedeelte van de Schrift is gegeven? Zij verruillen (de Waarheid) voor de dwaling on willen dat jullie van de Weg afdwalen

Siregar

0:00
0:00