الْمَائِدَةِ

Soera Al-Ma'idah, vers 36

De Gedekte Tafel · Medinaans · 120 verzen

5:36

اِنَّ الَّذٖینَ كَفَرُوا لَوْ اَنَّ لَهُمْ مَا فِی الْاَرْضِ جَمٖیعًا وَمِثْلَهُ مَعَهُ لِیَفْتَدُوا بِهٖ مِنْ عَذَابِ یَوْمِ الْقِیٰمَةِ مَا تُقُبِّلَ مِنْهُمْۚ وَلَهُمْ عَذَابٌ اَلٖیمٌ

Inna allatheena kafaroo law anna lahum ma fee alardi jameeAAan wamithlahu maAAahu liyaftadoo bihi min AAathabi yawmi alqiyamati ma tuqubbila minhum walahum AAathabun aleemun

Vertalingen

Voorwaar, indien degenen die ongelovig zijn alles op aarde zouden hebben en het gelijke daarvan bij hen zouden hebben om daarmee hun bestraffing op de Dag der Opstanding af te kopen: het zou niet van hen aanvaard worden. En er is voor hen een pijnlijke bestraffing

Sofian S. Siregar

Ook al hadden zij die ongelovig zijn alles wat er op de aarde is en nog eens evenveel om zich ermee van de straf van de opstandingsdag vrij te kopen, het zou van hen niet worden aangenomen. Voor hen is er een pijnlijke bestraffing

Fred Leemhuis