الذَّارِيَاتِ

Soera Adh-Dhariyat, vers 26

De Winden die doen opwaaien · Mekkaans · 60 verzen

51:26

فَرَاغَ اِلٰٓى اَهْلِهٖ فَجَٓاءَ بِعِجْلٍ سَمٖینٍۙ

Faragha ila ahlihi fajaa biAAijlin sameenin

Vertalingen

Hij ging toen vlug naar zijn familie en bracht een geroosterd kalf

Sofian S. Siregar

Hij wendde zich toen heimelijk tot zijn huisgenoten en bracht een gemest kalf

Fred Leemhuis