51:28
فَاَوْجَسَ مِنْهُمْ خٖیفَةًؕ قَالُوا لَا تَخَفْؕ وَبَشَّرُوهُ بِغُلَامٍ عَلٖیمٍ
Faawjasa minhum kheefatan qaloo la takhaf wabashsharoohu bighulamin AAaleemin
Vertalingen
(Maar zij wilden niet eten.) Toen voelde hij angst voor hen. Zij zeiden: "Wees niet bang." En zij verkondigden hem de verheugende tijding over (de geboorte van) een verstandige jongeling (Ishâq)
Sofian S. Siregar
Toen werd hij door vrees voor hen bevangen. Zij zeiden: "Wees niet bang" en verkondigden hem het goede nieuws van een verstandige jongen
Fred Leemhuis