الْحَد۪يدِ

Soera Al-Hadid, vers 27

Het Ijzer · Medinaans · 29 verzen

57:27

ثُمَّ قَفَّیْنَا عَلٰٓى اٰثَارِهِمْ بِرُسُلِنَا وَقَفَّیْنَا بِعٖیسَى ابْنِ مَرْیَمَ وَاٰتَیْنَاهُ الْاِنْجٖیلَ وَجَعَلْنَا فٖی قُلُوبِ الَّذٖینَ اتَّبَعُوهُ رَاْفَةً وَرَحْمَةًؕ وَرَهْبَانِیَّةًࣙ ابْتَدَعُوهَا مَا كَتَبْنَاهَا عَلَیْهِمْ اِلَّا ابْتِغَٓاءَ رِضْوَانِ اللّٰهِ فَمَا رَعَوْهَا حَقَّ رِعَایَتِهَاۚ فَاٰتَیْنَا الَّذٖینَ اٰمَنُوا مِنْهُمْ اَجْرَهُمْۚ وَكَثٖیرٌ مِنْهُمْ فَاسِقُونَ

Thumma qaffayna AAala atharihim birusulina waqaffayna biAAeesa ibni maryama waataynahu alinjeela wajaAAalna fee quloobi allatheena ittabaAAoohu rafatan warahmatan warahbaniyyatan ibtadaAAooha ma katabnaha AAalayhim illa ibtighaa ridwani Allahi fama raAAawha haqqa riAAayatiha faatayna allatheena amanoo minhum ajrahum wakatheerun minhum fasiqoona

Vertalingen

Vervolgens deden Wij Onze Boodschappers elkaar in hun sporen opvolgen. En Wij deden 'Îsa, de zoon van Maryam, volgen en Wij gaven hem de Indjîl. En Wij plaatsten in de harten van degenen die hem volgden mededogen en barmhartigheid. En het monnikwezen (celibaat), dat hebben zij (zelf) toegevoegd; Wij hebben het hun niet voorgeschreven. (Zij deden het) slechts om het welbehagen van Allah te zoeken. Daarna onderhielden zij het niet naar behoren en Wij gaven degenen die geloven onder hen hun beloning, maar velen onder hen waren zwaar zondigen

Sofian S. Siregar

Toen lieten Wij Onze gezanten in hun spoor volgen. Wij lieten 'Isa, de zoon van Marjam daarna volgen en gaven hem de Indjiel. En Wij legden mededogen en barmhartigheid in de harten van hen die hem volgden en ook monnikschap dat zij uitgevonden hebben. Wij hadden het hun niet voorgeschreven, maar het kwam voort uit hun streven naar Gods welbehagen. Echter zij leefden het niet op de juiste manier na. Dus gaven Wij hun uit hun midden die geloofden hun loon, maar velen van hen waren verdorven

Fred Leemhuis