الْاَعْرَافِ

Soera Al-A'raf, vers 128

De Verheven Plaatsen · Mekkaans · 206 verzen

7:128

قَالَ مُوسٰى لِقَوْمِهِ اسْتَعٖینُوا بِاللّٰهِ وَاصْبِرُواۚ اِنَّ الْاَرْضَ لِلّٰهِۚ یُورِثُهَا مَنْ یَشَٓاءُ مِنْ عِبَادِهٖؕ وَالْعَاقِبَةُ لِلْمُتَّقٖینَ

Qala moosa liqawmihi istaAAeenoo biAllahi waisbiroo inna alarda lillahi yoorithuha man yashao min AAibadihi waalAAaqibatu lilmuttaqeena

Vertalingen

Môesa zei tot zijn volk: "Smeekt Allah om hulp en weest geduldig. Voorwaar, de aarde behoort aan Allah, Hij doet haar erven aan wie Hij wil van zijn dienaren. En de (goede) einde behoort aan de Moettaqôen

Sofian S. Siregar

Moesa zei tot zijn volk: "Vraagt God om hulp en weest geduldig. De aarde behoort God toe; Hij laat haar beërven door wie van Zijn dienaren Hij wil en het [goede] uiteinde komt de godvrezenden toe

Fred Leemhuis