وَجَاوَزْنَا بِبَنٖٓی اِسْرَٓایٖٔلَ الْبَحْرَ فَاَتَوْا عَلٰى قَوْمٍ یَعْكُفُونَ عَلٰٓى اَصْنَامٍ لَهُمْۚ قَالُوا یَا مُوسَى اجْعَلْ لَنَٓا اِلٰهًا كَمَا لَهُمْ اٰلِهَةٌؕ قَالَ اِنَّكُمْ قَوْمٌ تَجْهَلُونَ
Wajawazna bibanee israeela albahra faataw AAala qawmin yaAAkufoona AAala asnamin lahum qaloo ya moosa ijAAal lana ilahan kama lahum alihatun qala innakum qawmun tajhaloona
Vertalingen
En Wij brachten de Kinderen van Israël naar de overkant van de zee. En toen zij een volk ontmoetten dat opging in het vereren van hun afgodsbeelden, zeiden zij: "O Môesa, maak voor ons een god zoals hun goden." Hij zei: "Voorwaar, jullie zijn een onwetend volk
Sofian S. Siregar
En Wij lieten de Israëlieten de zee oversteken en zij kwamen bij een volk dat afgoden die zij hadden bleef dienen. Zij zeiden: "O Moesa, maak voor ons een god zoals zij goden hebben." Hij zei: "Jullie zijn mensen die niets weten
Fred Leemhuis