وَوٰعَدْنَا مُوسٰى ثَلٰثٖینَ لَیْلَةً وَاَتْمَمْنَاهَا بِعَشْرٍ فَتَمَّ مٖیقَاتُ رَبِّهٖٓ اَرْبَعٖینَ لَیْلَةًۚ وَقَالَ مُوسٰى لِاَخٖیهِ هٰرُونَ اخْلُفْنٖی فٖی قَوْمٖی وَاَصْلِحْ وَلَا تَتَّبِـعْ سَبٖیلَ الْمُفْسِدٖینَ
WawaAAadna moosa thalatheena laylatan waatmamnaha biAAashrin fatamma meeqatu rabbihi arbaAAeena laylatan waqala moosa liakheehi haroona okhlufnee fee qawmee waaslih wala tattabiAA sabeela almufsideena
Vertalingen
En Wij beloofden Môesa (een periode van) dertig dagen en Wij vervolmaakten deze met tien (dagen), zo werd de afgesproken termijn met zijn Heer vervolmaakt: veertig nachten. En Môesa zei tot zijn broeder Hârôen: "Vervang mij bij mijn volk, en verbeter en volg niet het pad van de verderfzaaiers
Sofian S. Siregar
En Wij spraken met Moesa dertig nachten af en Wij sloten ze af met nog tien. Zo duurde de afgesproken tijd met zijn Heer volle veertig nachten. En Moesa zei tot zijn broer Haroen: "Wees mijn opvolger bij mijn volk en stel orde op zaken en volg niet de weg van de verderfbrengers
Fred Leemhuis