الْاَعْرَافِ

Soera Al-A'raf, vers 152

De Verheven Plaatsen · Mekkaans · 206 verzen

7:152

اِنَّ الَّذٖینَ اتَّخَذُوا الْعِجْلَ سَیَنَالُهُمْ غَضَبٌ مِنْ رَبِّهِمْ وَذِلَّةٌ فِی الْحَیٰوةِ الدُّنْیَاؕ وَكَذٰلِكَ نَجْزِی الْمُفْتَرٖینَ

Inna allatheena ittakhathoo alAAijla sayanaluhum ghadabun min rabbihim wathillatun fee alhayati alddunya wakathalika najzee almuftareena

Vertalingen

Voorwaar, degenen die het kalf (tot hun god) hebben genomen: de toorn van hun Heer zal hen treffen, alsmede vernedering in het wereldse leven. En zo vergelden Wij degenen die leugens verzinnen

Sofian S. Siregar

Zij die het kalf aannamen, over hen zal toorn van hun Heer en vernedering in het tegenwoordige leven komen; zo vergelden Wij aan hen die bedenksels verzinnen

Fred Leemhuis