نُوحٍ

Soera Nuh, vers 25

Noah · Mekkaans · 28 verzen

71:25

مِمَّا خَطٖٓیـَٔاتِهِمْ اُغْرِقُوا فَاُدْخِلُوا نَارًا فَلَمْ یَجِدُوا لَهُمْ مِنْ دُونِ اللّٰهِ اَنْصَارًا

Mimma khateeatihim oghriqoo faodkhiloo naran falam yajidoo lahum min dooni Allahi ansaran

Vertalingen

Vanwege hun zonden werden zij verdronken en daarna in de Hel gevoerd. En zij vonden buiten Allah om voor zich geen helpers

Sofian S. Siregar

Vanwege hun zonden werden zij verdronken en toen een vuur binnengebracht en zij vonden buiten God om voor zich geen helpers

Fred Leemhuis