يُوسُفَ

Soera Yusuf, vers 36

Jozef · Mekkaans · 111 verzen

12:36

وَدَخَلَ مَعَهُ السِّجْنَ فَتَیَانِؕ قَالَ اَحَدُهُمَٓا اِنّٖٓی اَرٰینٖٓی اَعْصِرُ خَمْرًاۚ وَقَالَ الْاٰخَرُ اِنّٖٓی اَرٰینٖٓی اَحْمِلُ فَوْقَ رَاْسٖی خُبْزًا تَاْكُلُ الطَّیْرُ مِنْهُؕ نَبِّئْنَا بِتَاْوٖیلِهٖۚ اِنَّا نَرٰیكَ مِنَ الْمُحْسِنٖینَ

Wadakhala maAAahu alssijna fatayani qala ahaduhuma innee aranee aAAsiru khamran waqala alakharu innee aranee ahmilu fawqa rasee khubzan takulu alttayru minhu nabbina bitaweelihi inna naraka mina almuhsineena

Vertalingen

Ein met hem kwamen twee jonge mannen in de gevangenis. Eén van hen zei: "Voorwaar, ik zag dat ik in een droom druiven perste." En de ander zei: "Ik zag dat ik in een droom brood op mijn hoofd droeg, waarvan de vogels aten. Vertel ons de uitleg ervan, wij beschouwen jou als behorende tot de kenners van droomuitleg

Sofian S. Siregar

Twee slaven kwamen met hem de gevangenis in. Een van hen zei: "Ik zag mijzelf wijn persen." En de ander zei: "Ik zag mijzelf brood boven op mijn hoofd dragen waarvan de vogels aten. Deel ons de uitleg ervan mee. Wij zien dat jij behoort tot hen die goed doen

Fred Leemhuis