يُوسُفَ

Soera Yusuf, vers 67

Jozef · Mekkaans · 111 verzen

12:67

وَقَالَ یَا بَنِیَّ لَا تَدْخُلُوا مِنْ بَابٍ وَاحِدٍ وَادْخُلُوا مِنْ اَبْوَابٍ مُتَفَرِّقَةٍؕ وَمَٓا اُغْنٖی عَنْكُمْ مِنَ اللّٰهِ مِنْ شَیْءٍؕ اِنِ الْحُكْمُ اِلَّا لِلّٰهِؕ عَلَیْهِ تَوَكَّلْتُۚ وَعَلَیْهِ فَلْیَتَوَكَّلِ الْمُتَوَكِّلُونَ

Waqala ya baniyya la tadkhuloo min babin wahidin waodkhuloo min abwabin mutafarriqatin wama oghnee AAankum mina Allahi min shayin ini alhukmu illa lillahi AAalayhi tawakkaltu waAAalayhi falyatawakkali almutawakkiloona

Vertalingen

Hij zei: "O mijn zonen, ga niet door één poort naar binnen, mar ga door verschillende poorten naar binnen. Ik ken niets voor jullie doen tegen (de wil van) Allah, het oordeel is slechts aan Allah. Op Hem heb ik mijn vertrouwen gesteld. En laten zij die vertrouwen hebben op Hem hun vertrouwen stellen

Sofian S. Siregar

En hij zei: "O mijn zonen, gaat niet door één poort naar binnen, maar gaat door verschillende poorten naar binnen. Maar tegen God baat ik jullie niets. Het oordeel komt alleen God toe. Op Hem stel ik mijn vertrouwen en op Hem moeten zij die vertrouwen hebben hun vertrouwen stellen

Fred Leemhuis