27. An-Naml

النَّمْلِ

اَمَّنْ یَبْدَؤُا الْخَلْقَ ثُمَّ یُعٖیدُهُ وَمَنْ یَرْزُقُكُمْ مِنَ السَّمَٓاءِ وَالْاَرْضِؕ ءَاِلٰهٌ مَعَ اللّٰهِؕ قُلْ هَاتُوا بُرْهَانَكُمْ اِنْ كُنْتُمْ صَادِقٖینَ

Of wie is de schepping begonnen en heeft haar vervolgens herhaald; en wie heeft in jullie onderhoud uit de hemel en de aarde voorzien? Is er een god naast Allah? Zeg (O Moehammad): "Brengt jullie bewijs, als jullie waarachtigen zijn

Siregar

قُلْ لَا یَعْلَمُ مَنْ فِی السَّمٰوَاتِ وَالْاَرْضِ الْغَیْبَ اِلَّا اللّٰهُؕ وَمَا یَشْعُرُونَ اَیَّانَ یُبْعَثُونَ

Zeg: "Niemand kent het onwaarneembare in de hemelen en op dc aarde, behalve Allah." En zij weten niet waneer zij worden opgewekt

Siregar

بَلِ ادَّارَكَ عِلْمُهُمْ فِی الْاٰخِرَةِࣞ بَلْ هُمْ فٖی شَكٍّ مِنْهَاࣞ بَلْ هُمْ مِنْهَا عَمُونَࣖ

Hun kennis omvat het Hiernamaals niet. Zij verkeren hierover zelfs in onzekerheid, zij zijn er zelfs blind voor

Siregar

وَقَالَ الَّذٖینَ كَفَرُٓوا ءَاِذَا كُنَّا تُرَابًا وَاٰبَٓاؤُ𐻾نَٓا اَئِنَّا لَمُخْرَجُونَ

En degenen die ongelovig zijn zeggen: "Is het waar, dat als wij en onze vaderen tot aarde zijn geworden, wij zeker worden opgewekt

Siregar

لَقَدْ وُعِدْنَا هٰذَا نَحْنُ وَاٰبَٓاؤُ𐻾نَا مِنْ قَبْلُۙ اِنْ هٰذَٓا اِلَّٓا اَسَاطٖیرُ الْاَوَّلٖینَ

Voorzeker, dit is ons en onze vaderen vroeger beloofd. Dit zijn slechts fabels van de vroegeren

Siregar

قُلْ سٖیرُوا فِی الْاَرْضِ فَانْظُرُوا كَیْفَ كَانَ عَاقِبَةُ الْمُجْرِمٖینَ

Zeg (O Moehammad): "Reist rond op de aarde en ziet hoe het einde van de misdadigers was

Siregar

وَلَا تَحْزَنْ عَلَیْهِمْ وَلَا تَكُنْ فٖی ضَیْقٍ مِمَّا یَمْكُرُونَ

En treur niet om hen, en wees ook niet bezorgd over wat zij aan listen beramen

Siregar

وَیَقُولُونَ مَتٰى هٰذَا الْوَعْدُ اِنْ كُنْتُمْ صَادِقٖینَ

En zij (de ongelovigen) zeggen: "Wanneer zal deze belofte (vervuld worden), als jullie warachtigen rijn

Siregar

قُلْ عَسٰٓى اَنْ یَكُونَ رَدِفَ لَكُمْ بَعْضُ الَّذٖی تَسْتَعْجِلُونَ

Zeg (O Moehammad): "Moge een deel van wat jullie wensen te bespoedigen bijna bij jullie zijn

Siregar

وَاِنَّ رَبَّكَ لَذُو فَضْلٍ عَلَى النَّاسِ وَلٰكِنَّ اَكْثَرَهُمْ لَا یَشْكُرُونَ

En voorwaar, jouw Heer bezit zeker gunsten voor de mensen, maar de meesten van en zijn niet dankbaar

Siregar

وَاِنَّ رَبَّكَ لَیَعْلَمُ مَا تُكِنُّ صُدُورُهُمْ وَمَا یُعْلِنُونَ

En voorwaar, jouw Heer weet zeker wat hun harten verbergen en wat zij openlijk doen

Siregar

وَمَا مِنْ غَٓائِبَةٍ فِی السَّمَٓاءِ وَالْاَرْضِ اِلَّا فٖی كِتَابٍ مُبٖینٍ

En niets is onwaameembaar in de hemel en op de aarde, of het staat in een duidelijk Boek

Siregar

اِنَّ هٰذَا الْقُرْاٰنَ یَقُصُّ عَلٰى بَنٖٓی اِسْرَٓایٖٔلَ اَكْثَرَ الَّذٖی هُمْ فٖیهِ یَخْتَلِفُونَ

Voorwaar, deze Koran vertelt aan de Kinderen van Israël waarover zij het meeste redetwisten

Siregar

0:00
0:00