Mushafim

39. Az-Zumar

الزُّمَرِ

اِنَّٓا اَنْزَلْنَا عَلَیْكَ الْكِتَابَ لِلنَّاسِ بِالْحَقِّۚ فَمَنِ اهْتَدٰى فَلِنَفْسِهٖۚ وَمَنْ ضَلَّ فَاِنَّمَا یَضِلُّ عَلَیْهَاۚ وَمَٓا اَنْتَ عَلَیْهِمْ بِوَكٖیلٍࣖ

Voorwaar, Wij hebben in Waarheid het Boek aan jou gezonden. Wie dan de Leiding aanvandt; het is ten gunste van zichzelf; maar wie dwaalt; hij benadeelt slechts zichzelf. En jij (O Moehammad) bent geen verantwoordelijke over hen

Siregar

اَللّٰهُ یَتَوَفَّى الْاَنْفُسَ حٖینَ مَوْتِهَا وَالَّتٖی لَمْ تَمُتْ فٖی مَنَامِهَاۚ فَیُمْسِكُ الَّتٖی قَضٰى عَلَیْهَا الْمَوْتَ وَیُرْسِلُ الْاُخْرٰٓى اِلٰٓى اَجَلٍ مُسَمًّىؕ اِنَّ فٖی ذٰلِكَ لَاٰیَاتٍ لِقَوْمٍ یَتَفَكَّرُونَ

Allah neemt de zielen weg bij hun sterven en bij degenen die niet stemen in hun slaap. Dan houdt Hij de zielen waarvoor Hij de dood leeft beslist achter, en stuurt Hij de overigen (terug) tot een vastgestelde tijd. Voorwaar, daarin zijn zeker Tekenen voor een volk dat nadenkt

Siregar

اَمِ اتَّخَذُوا مِنْ دُونِ اللّٰهِ شُفَعَٓاءَؕ قُلْ اَوَلَوْ كَانُوا لَا یَمْلِكُونَ شَیْـًٔا وَلَا یَعْقِلُونَ

Nemen zij buiten Allah voorsprekers? Zeg: "Ook al hebben zij geen enkele machten kunnen zij niet nadenken

Siregar

قُلْ لِلّٰهِ الشَّفَاعَةُ جَمٖیعًاؕ لَهُ مُلْكُ السَّمٰوَاتِ وَالْاَرْضِؕ ثُمَّ اِلَیْهِ تُرْجَعُونَ

Zeg: "Aan Allah behoort alle voorspraak. Aan Hem behoort de heeershappij van de hemelen en de aarde, en tot Hem zullen jullie terugkeren

Siregar

وَاِذَا ذُكِرَ اللّٰهُ وَحْدَهُ اشْمَاَزَّتْ قُلُوبُ الَّذٖینَ لَا یُؤْمِنُونَ بِالْاٰخِرَةِۚ وَاِذَا ذُكِرَ الَّذٖینَ مِنْ دُونِهٖٓ اِذَا هُمْ یَسْتَبْشِرُونَ

En wanneer (de naam van) Allah als Enige God wordt genoemd, dan raken de harten van degenen die niet in het Hiernamaals geloven vervuld van ergernis. Maar wanneer degenen (de afgoden) naast Hem worden genoemd, dan zijn verheugen zij zich

Siregar

قُلِ اللّٰهُمَّ فَاطِرَ السَّمٰوَاتِ وَالْاَرْضِ عَالِمَ الْغَیْبِ وَالشَّهَادَةِ اَنْتَ تَحْكُمُ بَیْنَ عِبَادِكَ فٖیمَا كَانُوا فٖیهِ یَخْتَلِفُونَ

Zeg: "O Allah, de Schepper van de hemelen en de aarde, de Kenner van het onwaarneembare en het waarneembare, U oordeelt over Uw dienaren over dat waarover zij van mening verschillen

Siregar

وَلَوْ اَنَّ لِلَّذٖینَ ظَلَمُوا مَا فِی الْاَرْضِ جَمٖیعًا وَمِثْلَهُ مَعَهُ لَافْتَدَوْا بِهٖ مِنْ سُٓوءِ الْعَذَابِ یَوْمَ الْقِیٰمَةِؕ وَبَدَا لَهُمْ مِنَ اللّٰهِ مَا لَمْ یَكُونُوا یَحْتَسِبُونَ

En voorwaar, als aan degenen die onrecht pleegden alles zou toebehoren wat zich op de aarde bevindt, en nog eens zoveel erbij, dan zouden zij zich ermee vrij (willen) kopen van de slechtste bestraffing op de Dag der Opstanding. En er zullen voor hen (betraffingen) van Allah verschijnen, waar zij nooit rekening mee gehouden hebben

Siregar

0:00
0:00