فَمَا تَنْفَعُهُمْ شَفَاعَةُ الشَّافِعٖینَؕ
De voorspraak van de voorsprekers baat hen niet
Siregar
الْمُدَّثِّرِ
فَمَا تَنْفَعُهُمْ شَفَاعَةُ الشَّافِعٖینَؕ
De voorspraak van de voorsprekers baat hen niet
Siregar
فَمَا لَهُمْ عَنِ التَّذْكِرَةِ مُعْرِضٖینَۙ
Wat is er met hen dat zij zich van de Vermaning afwenden
Siregar
كَاَنَّهُمْ حُمُرٌ مُسْتَنْفِرَةٌۙ
Alsof zij opgeschrikte ezels zijn
Siregar
فَرَّتْ مِنْ قَسْوَرَةٍؕ
Die vluchten voor een leeuw
Siregar
بَلْ یُرٖیدُ كُلُّ امْرِئٍ مِنْهُمْ اَنْ یُؤْتٰى صُحُفًا مُنَشَّرَةًۙ
Toch wil een ieder van hen, dat hun opengespreidde bladen (van een Openbaring) worden gegeven
Siregar
كَلَّاؕ بَلْ لَا یَخَافُونَ الْاٰخِرَةَؕ
Nee! Zij vrezen zelfs het Hiernamaals niet
Siregar
كَلَّٓا اِنَّهُ تَذْكِرَةٌۚ
Nee, voorwaar, hij (de Koran) is een Vermaning
Siregar
فَمَنْ شَٓاءَ ذَكَرَهُؕ
Wie wil trekt er lering uit
Siregar
وَمَا یَذْكُرُونَ اِلَّٓا اَنْ یَشَٓاءَ اللّٰهُؕ هُوَ اَهْلُ التَّقْوٰى وَاَهْلُ الْمَغْفِرَةِ
En zij trekken er geen lering uit, behalve als Allah het wil. Hij is het Die vrees toekomt en Hij is het Die het toekomt om te vergeven
Siregar