اِنَّهُ فَكَّرَ وَقَدَّرَۙ
Voorwaar, hij dacht na en nam een besluit
Siregar
الْمُدَّثِّرِ
اِنَّهُ فَكَّرَ وَقَدَّرَۙ
Voorwaar, hij dacht na en nam een besluit
Siregar
فَقُتِلَ كَیْفَ قَدَّرَۙ
Verdoemd is hij daarom. Hoe vreemd was zijn besluit
Siregar
ثُمَّ قُتِلَ كَیْفَ قَدَّرَۙ
Nogmaals, verdoemd is hij! Hoe vreemd was zijn besluit
Siregar
ثُمَّ نَظَرَۙ
Toen dacht hij weer na
Siregar
ثُمَّ عَبَسَ وَبَسَرَۙ
Daarna fronste hij en keek somber
Siregar
ثُمَّ اَدْبَرَ وَاسْتَكْبَرَۙ
Vervolgens keerde hij zijn rug toe en was hoogmoedig
Siregar
فَقَالَ اِنْ هٰذَٓا اِلَّا سِحْرٌ یُؤْثَرُۙ
En hij zei: "Deze (Koran) is slechts overgedragen tovenarij
Siregar
اِنْ هٰذَٓا اِلَّا قَوْلُ الْبَشَرِؕ
Dit is slechts het woord van een mens
Siregar
سَاُصْلٖیهِ سَقَرَ
Ik zal hem doen braden in Saqar (de Hel)
Siregar
وَمَٓا اَدْرٰیكَ مَا سَقَرُؕ
En wat doet jou weten wat Saqar is
Siregar
لَا تُبْقٖی وَلَا تَذَرُۚ
Zij (de Hel) laat niet achter en zij laat niet met rust
Siregar
لَوَّاحَةٌ لِلْبَشَرِۚ
Zij verschroeit (de huid) van de mens
Siregar
عَلَیْهَا تِسْعَةَ عَشَرَؕ
Over haar waken negentien (Engelen)
Siregar
وَمَا جَعَلْنَٓا اَصْحَابَ النَّارِ اِلَّا مَلٰٓئِكَةًࣕ وَمَا جَعَلْنَا عِدَّتَهُمْ اِلَّا فِتْنَةً لِلَّذٖینَ كَفَرُواۙ لِیَسْتَیْقِنَ الَّذٖینَ اُو𐻿تُوا الْكِتَابَ وَیَزْدَادَ الَّذٖینَ اٰمَنُٓوا اٖیمَانًا وَلَا یَرْتَابَ الَّذٖینَ اُو𐻿تُوا الْكِتَابَ وَالْمُؤْمِنُونَۙ وَلِیَقُولَ الَّذٖینَ فٖی قُلُوبِهِمْ مَرَضٌ وَالْكَافِرُونَ مَاذَٓا اَرَادَ اللّٰهُ بِهٰذَا مَثَلًاؕ كَذٰلِكَ یُضِلُّ اللّٰهُ مَنْ یَشَٓاءُ وَیَهْدٖی مَنْ یَشَٓاءُؕ وَمَا یَعْلَمُ جُنُودَ رَبِّكَ اِلَّا هُوَؕ وَمَا هِیَ اِلَّا ذِكْرٰى لِلْبَشَرِࣖ
En Wij hebben geen anderen dan Engelen aangesteld als wachters van de Hel. En Wij hebben hun aantal slechts vastgesteld als een beproeving voor degenen die niet geloven en opdat degenen aan wie de Schrift gegeven is overtuigd zullen zijn. En opdat degenen die geloven zullen toenemen in geloof, en opdat degenen aan wie de Schrift is gegeven en de gelovigen niet zullen twijfelen. En opdat degenen in wier harten een ziekte is en de ongelovigen zullen zeggen: "Wat wil Allah met dit voorbeeld zeggen?" Zo laat Allah dwalen wie Hij wil, en leidt Hij wie Hij wil. En niemand kent de troepenmacht van jouw Heer dan Hij. En dit is niets anders dan een Vermaning voor de mensheid
Siregar
كَلَّا وَالْقَمَرِۙ
Nee, bij de maan
Siregar
وَالَّیْلِ اِذْ اَدْبَرَۙ
En de nacht wanneer hij terugkeert
Siregar
وَالصُّبْحِ اِذَٓا اَسْفَرَۙ
En de dageraad wanneer hij gloort
Siregar
اِنَّهَا لَاِحْدَى الْكُبَرِۙ
Voorwaar, zij (de Hel) is zeker een van de grootste verschrikkingen
Siregar
نَذٖیرًا لِلْبَشَرِۙ
(Zij is er) als een waarschuwing voor de mensheid
Siregar
لِمَنْ شَٓاءَ مِنْكُمْ اَنْ یَتَقَدَّمَ اَوْ یَتَاَخَّرَؕ
Voor degenen onder hen die voort willen gaan (door goede daden te verrichten) of achter willen blijven (door slechte daden te verrichten)
Siregar
كُلُّ نَفْسٍ بِمَا كَسَبَتْ رَهٖینَةٌۙ
Iedere ziel is een borg voor wat zij heeft verricht
Siregar
اِلَّٓا اَصْحَابَ الْیَمٖینِؕۛ
Behalve de mensen van de rechterzijde
Siregar
فٖی جَنَّاتٍؕۛ یَتَسَٓاءَلُونَۙ
In Tuinen (het Paradijs) vragen zij elkaar
Siregar
عَنِ الْمُجْرِمٖینَۙ
Over de misdadigers
Siregar
مَا سَلَكَكُمْ فٖی سَقَرَ
(Zij zeggen:) "Wat heeft hen naar Saqar (de Hel) gevoerd
Siregar
قَالُوا لَمْ نَكُ مِنَ الْمُصَلّٖینَۙ
Zij zeiden: "Wij behoorden niet tot degenen die de shalât verrichten
Siregar
وَلَمْ نَكُ نُطْعِمُ الْمِسْكٖینَۙ
En wij voedden de armen niet
Siregar
وَكُنَّا نَخُوضُ مَعَ الْخَٓائِضٖینَۙ
En wij plachten ijdele gesprekken te voeren met degenen die ijdel praatten
Siregar
وَكُنَّا نُكَذِّبُ بِیَوْمِ الدّٖینِۙ
En wij plachten de Dag des Oordeels te loochenen
Siregar
حَتّٰٓى اَتٰینَا الْیَقٖینُؕ
Tot het zekere (de dood) tot ons kwam
Siregar