9:125
وَاَمَّا الَّذٖینَ فٖی قُلُوبِهِمْ مَرَضٌ فَزَادَتْهُمْ رِجْسًا اِلٰى رِجْسِهِمْ وَمَاتُوا وَهُمْ كَافِرُونَ
Waamma allatheena fee quloobihim maradun fazadathum rijsan ila rijsihim wamatoo wahum kafiroona
Vertalingen
En wat degenen in wiens hart een ziekte is betreft: bij hen stapelt dit (nieuw) ongeloof op hun ongeloof en zij sterven terwijl zij ongelovigen zijn
Sofian S. Siregar
En zij die in hun harten een ziekte hebben, zij worden erdoor tot een nog grotere gruwel dan zij al zijn en zij sterven als ongelovigen
Fred Leemhuis