النَّحْلِ

Soera An-Nahl, vers 106

De Bijen · Mekkaans · 128 verzen

16:106

مَنْ كَفَرَ بِاللّٰهِ مِنْ بَعْدِ اٖیمَانِهٖٓ اِلَّا مَنْ اُكْرِهَ وَقَلْبُهُ مُطْمَئِنٌّ بِالْاٖیمَانِ وَلٰكِنْ مَنْ شَرَحَ بِالْكُفْرِ صَدْرًا فَعَلَیْهِمْ غَضَبٌ مِنَ اللّٰهِۚ وَلَهُمْ عَذَابٌ عَظٖیمٌ

Man kafara biAllahi min baAAdi eemanihi illa man okriha waqalbuhu mutmainnun bialeemani walakin man sharaha bialkufri sadran faAAalayhim ghadabun mina Allahi walahum AAathabun AAatheemun

Vertalingen

Wie aan Allah ongelovig is na geloofd te hebben, behalve wie gedwongen is terwijl zijn hw in het geloof tot rust gekomen wn maar (voor) wie die zijn hart voor het ongeloof openstelde: voor hem is er de toom van Ailah en voor hem is er een geweldige bestraffing

Sofian S. Siregar

Wie na geloofd te hebben aan God geen geloof meer hecht -- en dan niet wie gedwongen is, terwijl zijn hart in het geloof rust gevonden heeft, maar zij die hun hart voor het ongeloof openstellen -- op hen rust Gods toorn en voor hen is er een geweldige bestraffing

Fred Leemhuis