23. Al-Mu'minun

الْمُؤْمِنُونَ

اَلَمْ تَكُنْ اٰیَاتٖی تُتْلٰى عَلَیْكُمْ فَكُنْتُمْ بِهَا تُكَذِّبُونَ

Zijn Mijn Verzen dan niet aan jullie voorgedragen? Toen plachten jullie ze te loochenen

Siregar

قَالُوا رَبَّنَا غَلَبَتْ عَلَیْنَا شِقْوَتُنَا وَكُنَّا قَوْمًا ضَٓالّٖینَ

Zij zelden: "Onze Heer, wij zijn overwonnen door ons ongeluk en wij waren een dwalend volk

Siregar

رَبَّنَٓا اَخْرِجْنَا مِنْهَا فَاِنْ عُدْنَا فَاِنَّا ظَالِمُونَ

Onze Heer, haal ons hieruit! Als wij het herhalen: voorwaar, dan zijn wij onrechtvaardigen

Siregar

قَالَ اخْسَؤُ𐻿ا فٖیهَا وَلَا تُكَلِّمُونِ

Hij zei: "Blijft daarin en lijdt. En spreekt niet tot Mij

Siregar

اِنَّهُ كَانَ فَرٖیقٌ مِنْ عِبَادٖی یَقُولُونَ رَبَّنَٓا اٰمَنَّا فَاغْفِرْ لَنَا وَارْحَمْنَا وَاَنْتَ خَیْرُ الرَّاحِمٖینَۚ

Voorwaar, er is een groep onder Mijn dienaren die zegt: "Onze Heer, wij geloofden, vergeef ons daarom en schenk ons Barmhartigheid en U bent de Beste der Bamhartigen

Siregar

فَاتَّخَذْتُمُوهُمْ سِخْرِیًّا حَتّٰٓى اَنْسَوْكُمْ ذِكْرٖی وَكُنْتُمْ مِنْهُمْ تَضْحَكُونَ

Toen maakten jullie hen tot een onderwerp van bespotting, totdat jullie vergaten Mij te gedenken. En jullie plachten ben uit te lachen

Siregar

اِنّٖی جَزَیْتُهُمُ الْیَوْمَ بِمَا صَبَرُٓواۙ اَنَّهُمْ هُمُ الْفَٓائِزُونَ

Voorwaar, Ik gaf hun op die Dag een beloning omdat zij geduldig waren: en voorwaar, zij zijn de winnaars

Siregar

قَالَ كَمْ لَبِثْتُمْ فِی الْاَرْضِ عَدَدَ سِنٖینَ

Hij (Allah) zei: "Hoeveel jaren verbleven jullie op de aarde

Siregar

قَالُوا لَبِثْنَا یَوْمًا اَوْ بَعْضَ یَوْمٍ فَسْـَٔلِ الْعَٓادّٖینَ

Zij zeiden: "Wij verbleven daar een dag of een gedeelte van een dag, vraag het aan de rekenaars

Siregar

قَالَ اِنْ لَبِثْتُمْ اِلَّا قَلٖیلًا لَوْ اَنَّكُمْ كُنْتُمْ تَعْلَمُونَ

Hij (Allah) zei: "Jullie verbleven er maar kort, als jullie het weten

Siregar

اَفَحَسِبْتُمْ اَنَّمَا خَلَقْنَاكُمْ عَبَثًا وَاَنَّكُمْ اِلَیْنَا لَا تُرْجَعُونَ

Dachten jullie dat Wij jullie zo maar geschapen hebben? En dat jullie niet tot Ons terugkeren

Siregar

فَتَعَالَى اللّٰهُ الْمَلِكُ الْحَقُّۚ لَٓا اِلٰهَ اِلَّا هُوَۚ رَبُّ الْعَرْشِ الْكَرٖیمِ

Verheven is Allah, de Ware Koning er is geen god dan Hij, Heer van de Edele Troon

Siregar

وَمَنْ یَدْعُ مَعَ اللّٰهِ اِلٰهًا اٰخَرَۙ لَا بُرْهَانَ لَهُ بِهٖۙ فَاِنَّمَا حِسَابُهُ عِنْدَ رَبِّهٖؕ اِنَّهُ لَا یُفْلِحُ الْكَافِرُونَ

En wie een andere god aanroept naast Allah, waarvoor hij geen bewijs heeft: voorwaar, zijn afrekening is bij zijn Heer. Voorwaar, de ongelovigen zullen niet welslagen

Siregar

وَقُلْ رَبِّ اغْفِرْ وَارْحَمْ وَاَنْتَ خَیْرُ الرَّاحِمٖینَ

En zeg: "Vergeef en begenadig, en U bent de Beste van de Bamhartigen

Siregar

0:00
0:00