وَلِیُمَحِّصَ اللّٰهُ الَّذٖینَ اٰمَنُوا وَیَمْحَقَ الْكَافِرٖینَ
En opdat Allah degenen die geloven reinigt en de ongelovigen vemietigt
Siregar
اٰلِ عِمْرٰنَ
وَلِیُمَحِّصَ اللّٰهُ الَّذٖینَ اٰمَنُوا وَیَمْحَقَ الْكَافِرٖینَ
En opdat Allah degenen die geloven reinigt en de ongelovigen vemietigt
Siregar
اَمْ حَسِبْتُمْ اَنْ تَدْخُلُوا الْجَنَّةَ وَلَمَّا یَعْلَمِ اللّٰهُ الَّذٖینَ جَاهَدُوا مِنْكُمْ وَیَعْلَمَ الصَّابِرٖینَ
Dachten jullie dat jullie het Paradijs binnen zouden gaan zonder dat Allah degenen die vochten gekend doet worden en de geduldigen gekend doet worden
Siregar
وَلَقَدْ كُنْتُمْ تَمَنَّوْنَ الْمَوْتَ مِنْ قَبْلِ اَنْ تَلْقَوْهُࣕ فَقَدْ رَاَیْتُمُوهُ وَاَنْتُمْ تَنْظُرُونَࣖ
En voorzeker, jullie hadden de dood gewenst, voordat jullie hem (de dood) tegenkwamen en waarlijk, jullie hebben hem gezien en jullie waren getuigen
Siregar
وَمَا مُحَمَّدٌ اِلَّا رَسُولٌۚ قَدْ خَلَتْ مِنْ قَبْلِهِ الرُّسُلُؕ اَفَا𐻾ئِنْ مَاتَ اَوْ قُتِلَ انْقَلَبْتُمْ عَلٰٓى اَعْقَابِكُمْؕ وَمَنْ یَنْقَلِبْ عَلٰى عَقِبَیْهِ فَلَنْ یَضُرَّ اللّٰهَ شَیْـًٔاؕ وَسَیَجْزِی اللّٰهُ الشَّاكِرٖینَ
En Moehammad is niet meer dan een Boodschapper, vóór hem zijn de Boodschappers reeds heengegaan. Als hij dan zou sterven of gedood worden: waarom zouden jullie je dan op jullie hielen omdraaien (terugvallen in ongeloof)? En wie zich op zijn hielen zou omdraaien: het schaadt Allah niets. En Allah zal de dankbaren belonen
Siregar
وَمَا كَانَ لِنَفْسٍ اَنْ تَمُوتَ اِلَّا بِاِذْنِ اللّٰهِ كِتَابًا مُؤَجَّلًاؕ وَمَنْ یُرِدْ ثَوَابَ الدُّنْیَا نُؤْتِهٖ مِنْهَاۚ وَمَنْ یُرِدْ ثَوَابَ الْاٰخِرَةِ نُؤْتِهٖ مِنْهَاؕ وَسَنَجْزِی الشَّاكِرٖینَ
En geen ziel kan sterven, behalve met het verlof Allah, zoals vastgelegd. En wie de beloning van de wereld wil, Wij geven hem ervan; en wie de beloning van het Hiernamaals wil, Wij geven hem ervan. En Wij zullen de dankbaren belonen
Siregar
وَكَاَیِّنْ مِنْ نَبِیٍّ قَاتَلَۙ مَعَهُ رِبِّیُّونَ كَثٖیرٌۚ فَمَا وَهَنُوا لِمَٓا اَصَابَهُمْ فٖی سَبٖیلِ اللّٰهِ وَمَا ضَعُفُوا وَمَا اسْتَكَانُواؕ وَاللّٰهُ یُحِبُّ الصَّابِرٖینَ
En hoevelen van de Profeten vochten er niet, vergezeld van vele mensen en zij verloren de moed niet, wanneer zij op de Weg van Allah door rampspoed getroffen werden. En zij verzwakten niet en zij gaven zich niet over en Allah houdt van de geduldigen
Siregar
وَمَا كَانَ قَوْلَهُمْ اِلَّٓا اَنْ قَالُوا رَبَّنَا اغْفِرْ لَنَا ذُنُوبَنَا وَاِسْرَافَنَا فٖٓی اَمْرِنَا وَثَبِّتْ اَقْدَامَنَا وَانْصُرْنَا عَلَى الْقَوْمِ الْكَافِرٖینَ
En hun woorden waren niet anders dan dat zij zeiden: "Onze Heer, vergeef ons onze zonden en onze overdrijvingen met betrekking tot onze zaak en maak ons standvastig en help ons tegen het ongelovige volk
Siregar
فَاٰتٰیهُمُ اللّٰهُ ثَوَابَ الدُّنْیَا وَحُسْنَ ثَوَابِ الْاٰخِرَةِؕ وَاللّٰهُ یُحِبُّ الْمُحْسِنٖینَࣖ
En Allah gaf hun (daarom) een beloning in de wereld en een goede beloning in het Hiernamaals. En Allah houdt van de weldoeners
Siregar