اُبَلِّغُكُمْ رِسَالَاتِ رَبّٖی وَاَنَا𐻾 لَكُمْ نَاصِحٌ اَمٖینٌ
Ik verkondig jullie Boodschappen van mijn Heer en ik ben voor jullie een betrouwbare raadgever
Siregar
الْاَعْرَافِ
اُبَلِّغُكُمْ رِسَالَاتِ رَبّٖی وَاَنَا𐻾 لَكُمْ نَاصِحٌ اَمٖینٌ
Ik verkondig jullie Boodschappen van mijn Heer en ik ben voor jullie een betrouwbare raadgever
Siregar
اَوَعَجِبْتُمْ اَنْ جَٓاءَكُمْ ذِكْرٌ مِنْ رَبِّكُمْ عَلٰى رَجُلٍ مِنْكُمْ لِیُنْذِرَكُمْؕ وَاذْكُرُٓوا اِذْ جَعَلَكُمْ خُلَفَٓاءَ مِنْ بَعْدِ قَوْمِ نُوحٍ وَزَادَكُمْ فِی الْخَلْقِ بَصْۣطَةًۚ فَاذْكُرُٓوا اٰلَٓاءَ اللّٰهِ لَعَلَّكُمْ تُفْلِحُونَ
En verhaasde het jullie, dat er tot jullie een vermaning van jullie Heer is gekomen, door een man uit jullie midden, om jullie te vermanen? En gedenkt toen Hij jullie tot opvolgers had aangesteld na (do ondergang van) het volk van Nôeh. En jullie gestalten maakten Wij groter (dan die van hen). Gedenkt daarom de gunsten van Allah. Hopelijk zullen jullie welslagen
Siregar
قَالُٓوا اَجِئْتَنَا لِنَعْبُدَ اللّٰهَ وَحْدَهُ وَنَذَرَ مَا كَانَ یَعْبُدُ اٰبَٓاؤُ𐻾نَاۚ فَاْتِنَا بِمَا تَعِدُنَٓا اِنْ كُنْتَ مِنَ الصَّادِقٖینَ
Zij zeiden: "Ben jij tot ons gekomen opdat Wij Allah ah Enige aanbidden en verlaten wat onze vaderen plachten te aanbidden? Laat dan komen, hetgeen wat jij ons aanzegt, als jij tot de waarachtigen behoort
Siregar
قَالَ قَدْ وَقَعَ عَلَیْكُمْ مِنْ رَبِّكُمْ رِجْسٌ وَغَضَبٌؕ اَتُجَادِلُونَنٖی فٖٓی اَسْمَٓاءٍ سَمَّیْتُمُوهَٓا اَنْتُمْ وَاٰبَٓاؤُ𐻾كُمْ مَا نَزَّلَ اللّٰهُ بِهَا مِنْ سُلْطَانٍؕ فَانْتَظِرُٓوا اِنّٖی مَعَكُمْ مِنَ الْمُنْتَظِرٖینَ
Hij zei: "Waarlijk, een bestraffing en toorn van jullie Heer is erover jullie neergekomen. Willen jullie met mij redetwisten over de namen die jullie en jullie vaderen gaven (aan jullie afgoden), waarvoor Allah geen bewijs heeft neergezonden? Wachten jullie maar: voorwaar, ik behoor met jullie tot de wachtenden
Siregar
فَاَنْجَیْنَاهُ وَالَّذٖینَ مَعَهُ بِرَحْمَةٍ مِنَّا وَقَطَعْنَا دَابِرَ الَّذٖینَ كَذَّبُوا بِاٰیَاتِنَا وَمَا كَانُوا مُؤْمِنٖینَࣖ
Toen redden Wij hem (Hôed) en degenen met hem door Genade van Ons en Wij roeiden degenen die Onze Tekenen loochenden geheel uit. En zij plachten geen gelovigen te zijn
Siregar
وَاِلٰى ثَمُودَ اَخَاهُمْ صَالِحًاۘ قَالَ یَا قَوْمِ اعْبُدُوا اللّٰهَ مَا لَكُمْ مِنْ اِلٰهٍ غَیْرُهُؕ قَدْ جَٓاءَتْكُمْ بَیِّنَةٌ مِنْ رَبِّكُمْؕ هٰذِهٖ نَاقَةُ اللّٰهِ لَكُمْ اٰیَةً فَذَرُوهَا تَاْكُلْ فٖٓی اَرْضِ اللّٰهِ وَلَا تَمَسُّوهَا بِسُٓوءٍ فَیَاْخُذَكُمْ عَذَابٌ اَلٖیمٌ
En tot de Tsamôed (zonden Wij) hun broeder Shâlih. Hij zei: "O mijn volk, aanbidt Allah, er is voor jullie geen god dan Hij. Waarlijk, er is een duidelijk bewijs van jullie Heer tot jullie gekomen. Dat is de vrouwtjeskameel van Allah, als een Teken voor jullie. Laat haar daarom op de aarde van Allah eten en doe haar geen kwaad, anders zal een pijnlijke bestraffing jullie grijpen
Siregar