55. Ar-Rahman

الرَّحْمٰنِ

یُعْرَفُ الْمُجْرِمُونَ بِسٖیمٰیهُمْ فَیُؤْخَذُ بِالنَّوَاصٖی وَالْاَقْدَامِۚ

De misdadigers zullen herkend worden aan hun kenmerken en daarna gegrepen worden bij het haar van het voorhoofd en de voeten

Siregar

فَبِاَیِّ اٰلَٓاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ

Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan

Siregar

هٰذِهٖ جَهَنَّمُ الَّتٖی یُكَذِّبُ بِهَا الْمُجْرِمُونَۘ

Dit is de Hel die de zondaren loochenden

Siregar

یَطُوفُونَ بَیْنَهَا وَبَیْنَ حَمٖیمٍ اٰنٍۚ

Zij dolen daar rond in het midden van kokend heet water

Siregar

فَبِاَیِّ اٰلَٓاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِࣖ

Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan

Siregar

وَلِمَنْ خَافَ مَقَامَ رَبِّهٖ جَنَّتَانِۚ

En voor wie vreesde voor het staan voor zijn Heer zijn er twee Tuinen (in het Paradijs)

Siregar

فَبِاَیِّ اٰلَٓاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِۙ

Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan

Siregar

ذَوَاتَٓا اَفْنَانٍۚ

Beide met een overvloed aan takken en vruchten

Siregar

فَبِاَیِّ اٰلَٓاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ

Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan

Siregar

فٖیهِمَا عَیْنَانِ تَجْرِیَانِۚ

In beide zijn twee stromende bronnen

Siregar

فَبِاَیِّ اٰلَٓاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ

Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan

Siregar

فٖیهِمَا مِنْ كُلِّ فَاكِهَةٍ زَوْجَانِۚ

In beide zijn er vruchten van elke soort, in paren

Siregar

فَبِاَیِّ اٰلَٓاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ

Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan

Siregar

مُتَّكِــٖٔینَ عَلٰى فُرُشٍ بَطَٓائِنُهَا مِنْ اِسْتَبْرَقٍؕ وَجَنَا الْجَنَّتَیْنِ دَانٍۚ

Leunend, op tapijten met brokaat aan hun binnenzijden en (de vruchten) van beide Tuinen hangen binnen handbereik

Siregar

فَبِاَیِّ اٰلَٓاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ

Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan

Siregar

فٖیهِنَّ قَاصِرَاتُ الطَّرْفِۙ لَمْ یَطْمِثْهُنَّ اِنْسٌ قَبْلَهُمْ وَلَا جَٓانٌّۚ

In de Tuinen bevinden zich schonen met ingetogen blikken, die geen mens en geen Djinn ooit vóór hen heeft aangeraakt

Siregar

فَبِاَیِّ اٰلَٓاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِۚ

Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan

Siregar

كَاَنَّهُنَّ الْیَاقُوتُ وَالْمَرْجَانُۚ

Als waren zij van robijn en koraal

Siregar

فَبِاَیِّ اٰلَٓاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ

Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan

Siregar

هَلْ جَزَٓاءُ الْاِحْسَانِ اِلَّا الْاِحْسَانُۚ

Er is voor het verrichten van het goede geen andere beloning dan het goede

Siregar

فَبِاَیِّ اٰلَٓاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ

Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan

Siregar

وَمِنْ دُونِهِمَا جَنَّتَانِۚ

En naast deze twee zijn nog twee Tuinen

Siregar

فَبِاَیِّ اٰلَٓاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِۙ

Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan

Siregar

مُدْهَٓامَّتَانِۚ

Donkergroen van kleur

Siregar

فَبِاَیِّ اٰلَٓاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِۚ

Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan

Siregar

فٖیهِمَا عَیْنَانِ نَضَّاخَتَانِۚ

In beide bevinden zich twee overvloedige bronnen

Siregar

فَبِاَیِّ اٰلَٓاءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِۚ

Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan

Siregar

0:00
0:00