11. Hud

هُودٍ

فَلَا تَكُ فٖی مِرْیَةٍ مِمَّا یَعْبُدُ هٰٓؤُ𐻾لَٓاءِؕ مَا یَعْبُدُونَ اِلَّا كَمَا یَعْبُدُ اٰبَٓاؤُ𐻾هُمْ مِنْ قَبْلُؕ وَاِنَّا لَمُوَفُّوهُمْ نَصٖیبَهُمْ غَیْرَ مَنْقُوصٍࣖ

Verkeer daarom niet in twijfel over wat deze mensen aanbidden, zij aanbidden slechts zoals hun vaderen voorheen aanbeden. En voorwaar, wij zullen hen zeker hun deel volledig vergelden, zonder vermindering

Siregar

وَلَقَدْ اٰتَیْنَا مُوسَى الْكِتَابَ فَاخْتُلِفَ فٖیهِؕ وَلَوْلَا كَلِمَةٌ سَبَقَتْ مِنْ رَبِّكَ لَقُضِیَ بَیْنَهُمْؕ وَاِنَّهُمْ لَفٖی شَكٍّ مِنْهُ مُرٖیبٍ

En voorzeker, wij hebben Môesa de Schrift (de Taurât) gegeven, waarna er onenigheid over bestond. En als er niet een Woord van jouw Heer vooruitgegaan was, dan zou er reeds Uwen hen zijn geoordeeld. En voorwaar, zij verkeren zeker in vergaande twijfel

Siregar

وَاِنَّ كُلًّا لَمَّا لَیُوَفِّیَنَّهُمْ رَبُّكَ اَعْمَالَهُمْؕ اِنَّهُ بِمَا یَعْمَلُونَ خَبٖیرٌ

En voorwar, jouw Heer zal aan een ieder zijn daden volledig vergelden. Voorwaar, Hij is Alwetend over wat zij doen

Siregar

فَاسْتَقِمْ كَمَٓا اُمِرْتَ وَمَنْ تَابَ مَعَكَ وَلَا تَطْغَوْاؕ اِنَّهُ بِمَا تَعْمَلُونَ بَصٖیرٌ

Wees standvastig, zoals jou en wie met jou berouw toont is bevolen, en overtreed niet. Voorwaar, Hij ziet wat jullie doen

Siregar

وَلَا تَرْكَنُٓوا اِلَى الَّذٖینَ ظَلَمُوا فَتَمَسَّكُمُ النَّارُۙ وَمَا لَكُمْ مِنْ دُونِ اللّٰهِ مِنْ اَوْلِیَٓاءَ ثُمَّ لَا تُنْصَرُونَ

En neigt niet tot degenen die onrecht pleegden, anders zal de Hel jullie aanraken en is er voor jullie naast Allah geen beschermer. Dan zullen jullie niet worden geholpen

Siregar

وَاَقِمِ الصَّلٰوةَ طَرَفَیِ النَّهَارِ وَزُلَفًا مِنَ الَّیْلِؕ اِنَّ الْحَسَنَاتِ یُذْهِبْنَ السَّیِّــَٔاتِؕ ذٰلِكَ ذِكْرٰى لِلذَّاكِرٖینَۚ

En verricht de shalât aan het begin en het einde van dc dag en aan het begin van de avond, voorwaar, de goode daden wissen de slechte daden uit. Dat is een onderricht voor degenen die zich laten onderrichten

Siregar

وَاصْبِرْ فَاِنَّ اللّٰهَ لَا یُضٖیعُ اَجْرَ الْمُحْسِنٖینَ

En wees geduldig, went waarlijk, Allah zal de beloning van de weldoeners niet verloren doen gaan

Siregar

فَلَوْلَا كَانَ مِنَ الْقُرُونِ مِنْ قَبْلِكُمْ اُو𐻾لُوا بَقِیَّةٍ یَنْهَوْنَ عَنِ الْفَسَادِ فِی الْاَرْضِ اِلَّا قَلٖیلًا مِمَّنْ اَنْجَیْنَا مِنْهُمْۚ وَاتَّبَعَ الَّذٖینَ ظَلَمُوا مَٓا اُتْرِفُوا فٖیهِ وَكَانُوا مُجْرِمٖینَ

Waren er maar onder de generaties vóór jullie bezitters van inzicht geweest, die weerhielden van het verderf op aarde (maar deze waren niet), met uitzondering van enkelen van hen die Wij hebben gered. En degenen die onrecht pleegden, joegen de weelde na waarin zij leefden, eti zij waren misdadigers

Siregar

وَمَا كَانَ رَبُّكَ لِیُهْلِكَ الْقُرٰى بِظُلْمٍ وَاَهْلُهَا مُصْلِحُونَ

En jouw Heer was niet zo dat Hij de steden onrechtvaardig vernietigde, terwijl de bewoners ervan oprechten waren

Siregar

0:00
0:00